Jaren geleden werkte ik in het onderwijs. Met veel plezier. Heel veel plezier. Regelmatig prees ik mezelf gelukkig met mijn talent voor een soepele omgang met de puber. In alle soorten en maten, met hun gedoetjes, met hun nukken en hun grappen. Ik voelde me als een vis in het water. Tijdens de bekende 10-minuten gesprekken keek ik vermoeide ouders niet-begrijpend aan als ze lieten doorschemeren even ‘stuk te zitten’ met hun puber-zoon of -dochter. Zo erg was het toch niet? Beetje lucht, tikje humor en dan groeien ze vanzelf groot…
Thuis liep er intussen een gezellige peuter rond. En heel af en toe was er het besef dat ook die peuter ooit een puber zou worden. Daar zou ik tegen die tijd wel raad mee weten. Met twee vingertjes in de neus. Eitje. Grote jongen die mij klein zou krijgen.
En nu is het zover. We hebben hier een grote jongen, een soort buitenaards wezen, rondlopen. Die mij klein krijgt. Die mij haat. Denk ik. Die af en toe meer dood dan levend op de vloer/op de bank/in zijn bed ligt. Waar ik soms van moet huilen. Voor alle duidelijkheid: niet van de lach. Hoe hebben die ouders van toen dat overleefd? Waarom hebben ze me niet gezegd hoe onmogelijk het is? Dat er binnen een maand zomaar een nieuw wezen ontstaat. Hadden ze me niet eventjes kunnen waarschuwen? Ik ben toch zeker geen supermens?
Ja, lieve lezers, jullie zien het goed: ik resoneer lekker mee in de puberdynamiek. Er rustig naast blijven staan hou ik heus wel eens vol, ik maak bergen goede voornemens, maar toch…. Mijn bloeddruk loopt sneller dan ik wil op, mijn hartslag stijgt en de irritatie spuit uit mijn oren. Oh ja: en ik klap soms dubbel van de zorgen. Vandaar deze blog. Om samen met jullie, puber-experts, te lachen, te huilen, ‘oh ja’ te roepen, elkaar een hart onder de riem te steken. Gek eigenlijk, stapels boeken worden over die lieve monsters geschreven. Vele forums opgericht met tips en trucs. We weten allemaal hoe het met het puberende brein gesteld is. Maar het idiote is: al dat weten maakt mij niet perse handiger in de omgang met het lieve monster op de bank. Eerder gefrustreerd: met die kennis in mijn allang-niet-meer-puberende brein, zou ik het toch moeten kunnen? Dat valt behoorlijk tegen.
Mijn voorstel: ik deel hier mijn ervaringen met jullie over mijn lieve monster en wie weet voel je je als worstelende vader of moeder heel eventjes minder alleen en gefrustreerd. Dat wens ik in ieder geval mezelf toe… Misschien laat je een reactie achter. Van harte welkom! Vind ik leuk.
Tips en tops? Hoeft niet, die vinden we meer dan genoeg op andere geweldige plaatsen. Ervaringen? Graag! In de hoop dat we allemaal met wat mildheid naar onszelf en die lieve monsters kunnen kijken. Totdat zij en wij ‘eruit’ zijn. Hopelijk zonder al te veel kleerscheuren. En met goeie verhalen voor later. Maar tot die tijd: even bikkelen!